(De
Standaard
16.5.2011 -
Marc Hooghe)
Marc Hooghe
is
Politicoloog
aan de
KULeuven.
Gent stond
lange tijd
voor een
relatief
succesvol
integratiebeleid.
De laatste
tijd komen
er toch
vooral
berichten
over een
massale
instroom van
Bulgaren,
over een
proces na
racistische
pesterijen
tegen een
Somalische
familie, en
klachten
over
zwerfvuil en
andere
vormen van
overlast.
Gentenaar
MARC HOOGHE
brengt
verslag uit
en
evalueert.
Gent wendt
alle
mogelijke
beleidsmaatregelen
aan: van
subsidies,
over
wijkoverleg
tot
duidelijke
repressie
Het was even
schrikken
toen onze
Turkse buren
begonnen te
klagen over
het feit dat
er
tegenwoordig
'te veel
migranten'
zijn in
Gent. Het
waren de
gebruikelijke
klachten:
lawaai,
kinderen die
's avonds te
laat op
straat
spelen,
zwerfvuil en
roekeloos
rijgedrag.
Pas na
enkele
zinnen drong
het tot me
door dat ze
het over de
nieuwe
toevloed van
Oost-Europeanen
hadden: de
Turkse
Gentenaars
zien
zichzelf
allang niet
meer als
'migranten'.
Terecht
natuurlijk:
veel Turkse
families
wonen hier
al enkele
decennia en
de meeste
jongeren
zijn hier
ook geboren.
Onze buren
zijn niet de
enigen die
klagen. Eind
maart namen
heel veel
buurtcomités
deel aan de
Gruute kuis,
waarbij
vrijwilligers
de handen
uit de
mouwen
staken om
het
zwerfvuil op
te ruimen.
Dat gebeurde
met veel
enthousiasme,
maar enkele
dagen later
lagen de
straten er
opnieuw even
vuil bij.
Sluikstorten
blijkt een
plaag die
bijzonder
moeilijk
valt in te
dijken. De
meeste
buurtbewoners
lijken dan
ook te moed
te hebben
opgegeven,
en ze
wachten
gewoon tot
een van de
zeldzame
keren dat de
reinigingsdienst
ook
langskomt
buiten het
centrum van
de stad.
Het is
inderdaad
een beetje
dweilen met
de kraan
open. Hier
in de straat
blijft het
nog beperkt
tot af en
toe een
weggegooid
blikje Red
Bull. Het
blijft
verbazen dat
mensen na
zo'n
energiedrankje
blijkbaar
niet de fut
hebben om
tot de
dichtstbijzijnde
vuilnisbak
te wandelen,
maar zolang
het daartoe
beperkt
blijft,
ruimen we
het nog op
en blijft de
straat er
fatsoenlijk
bij liggen.
Wat verderop
in de wijk
hebben de
inwoners
duidelijk de
moed
opgegeven en
stapelen de
zakjes met
huisvuil
zich op. Dat
is het
verkeerde
signaal:
zwerfvuil
dat blijft
liggen,
duidt op
verloedering,
en op den
duur neem
niemand nog
enige
verantwoordelijkheid
voor de
buurt op
zich.
Overzichtelijk
en niet
polariserend
Maar als ik
met vrienden
uit
Antwerpen of
Brussel
praat,
lachen die
met onze
Gentse
klachten.
Bussen van
De Lijn die
bekogeld
worden na
een
voetbalmatch,
brandweerlui
die het
blussen
belet wordt,
pretparken
die
hermetisch
moeten
worden
afgesloten,
wijken waar
de politie
niet meer
durft te
patrouilleren
dat soort
zaken is in
Gent
ondenkbaar,
en in
vergelijking
daarmee is
een klacht
over
zwerfvuil
niet echt
ernstig te
noemen. Als
er in Gent
een nieuw
park wordt
geopend,
inclusief
speeltuigen,
dan staan
alle tuigen
er twee jaar
later nog
altijd. Het
valt al met
al best mee
met het
vandalisme.
Waarom loopt
het in Gent
veel minder
vaak uit de
hand dan in
Antwerpen of
Brussel? Ten
eerste is
het
simpelweg
een kwestie
van schaal.
Gent telt
maar 247.000
inwoners, en
dus blijven
de problemen
er vanzelf
overzichtelijker
dan in een
echt grote
stad als
Antwerpen of
Brussel.
Maar het is
toch ook een
kwestie van
beleid. In
sommige
wijken van
Brussel word
je vanzelf
depressief
als je
erdoor
wandelt:
plaatsen
waar door de
overheid
duidelijk al
decennialang
niet meer is
geïnvesteerd.
Zelfs in de
moeilijker
wijken van
Gent
ontbreekt
dat desolate
gevoel: de
overheid
blijft
nadrukkelijk
aanwezig, al
was het maar
via
heraangelegde
straten en
allerlei
pleintjes.
Het grote
voordeel van
Gent is ook
dat het
zonder enige
schroom het
volledige
pakket
mogelijke
beleidsmaatregelen
heeft
aangewend,
van
subsidies,
wijkoverleg,
tot en met
duidelijke
repressie.
Dat valt ook
nu weer op.
Burgemeester
Termont is
niet te
beroerd om
te gaan
spreken op
de Bulgaarse
feestdag.
Tegelijk
worden er 29
politieagenten
extra
aangeworven
om de
toevloed van
nieuwe
migranten in
goede banen
te leiden.
Dat Gentse
model van
'gastvrij
als het kan,
kordaat als
het moet' is
onder meer
mogelijk
gemaakt
doordat
Vlaams
Belang hier
nooit echt
is
doorgebroken.
In andere
steden waar
die partij
sterker
stond, werd
het debat
gaandeweg
gepolariseerd
met aan de
ene kant de
aanhangers
van 'eigen
volk eerst',
en aan de
andere kant
diegenen die
dan maar
opteerden
voor een al
even
onvruchtbaar
pamperbeleid.
Die
polarisatie
is in Gent
nooit zo
sterk
geweest, en
de
opeenvolgende
burgemeesters
hebben dan
ook een
eigen,
duidelijk
beleid
kunnen
voeren dat
tamelijk
succesvol is
gebleken.
Wat
natuurlijk
ook helpt om
het allemaal
wat te
relativeren
is het feit
dat Gent
sowieso een
heel diverse
stad is met
zo'n 60.000
studenten
die tijdens
het
academiejaar
in de stad
verblijven.
De grootste
concentratie
van
zwerfvuil
vind je niet
in de wijken
waar veel
Oost-Europeanen
wonen, maar
wel op de
Graslei waar
het jonge
volkje
pleegt samen
te komen op
warme lente-
en
zomeravonden.
In de wat
betere
wijken wordt
dan weer
geklaagd
over
hondenpoep,
een probleem
dat eerder
met
autochtone
Belgen kan
worden
geassocieerd.
De
Oost-Europeanen
hebben dus
zeker geen
monopolie op
overlast.
Delicaat
evenwicht
Ook onze
wijk is de
afgelopen
jaren
kleurrijker
geworden, en
dat is een
proces dat
met horten
en stoten
verloopt.
Meestal raak
je na een
paar maanden
wel verder
dan het
obligate
'goedemorgen'
en
'goedenavond'.
Het zijn
kleine
dingen die
het contact
met sommigen
mogelijk
maken: de
kinderen die
op tijd naar
school
vertrekken,
de auto die
wordt
gewassen,
wachten op
de bus. Bij
anderen lukt
het helemaal
niet en dan
geef je na
een tijdje
de pogingen
op. Toch
merk je ook
daar dat er
dubbele
standaarden
gehanteerd
worden. In
het verleden
waren er ook
autochtone
Belgen die
bang leken
dat hun mond
zou scheuren
als ze
goedemorgen
zouden
zeggen. Díe
norsheid
moest nooit
verklaard
worden. Als
we hetzelfde
fenomeen
zien bij de
'nieuwe
Belgen' ligt
de
verklaring
wel voor de
hand: ze
willen niet
integreren,
en ze kennen
geen
Nederlands.
Immigratie
is nooit
evident. Het
zou absurd
zijn te
veronderstellen
dat je
iemand van
de ene dag
op de andere
kunt
verplaatsen
van een zeer
traditionele
samenleving
als de
Somalische,
naar een
moderne
westerse
stad. Alsof
men ons in
de
teletijdmachine
van
professor
Barabas zou
stoppen,
naar de
vroege
middeleeuwen
flitsen en
verwachten
dat wij daar
binnen de 24
uur perfect
zouden
functioneren.
Zoiets gaat
niet
vanzelf, het
vraagt tijd
en
begeleiding.
Maar het kan
wel: de
meeste
Turkse
Gentenaren
voelen zich
inmiddels
perfect
Gents, en ze
kijken op
hun beurt
argwanend
naar de
nieuwe
immigranten.
In veel
Amerikaanse
steden werd
er zestig
jaar geleden
actie
gevoerd
tegen de
toevloed van
Ierse en
Italiaanse
migranten.
De nazaten
van die
Ieren en
Italianen
verzetten
zich nu op
hun beurt
tegen de
instroom van
Hispanics.
Het gaat om
een delicaat
evenwicht
dat in Gent
nu bedreigd
wordt door
te snel en
te veel.
Maar
toestanden à
la
Molenbeek?
Nee, tot
nader order
blijft Gent
een van de
meest
leefbare
steden van
het land.